Goed nieuws voor de fans van de befaamde 7-delige roman Het Bureau van Han Voskuil (1926 – 2008)

Van 1939, het jaar dat hij dertien werd, tot 2006, het jaar dat hij tachtig werd, hield Voskuil een dagboek bij. Aan het einde van zijn leven had hij meer dan 160 schriften volgeschreven. De dagboeken zijn een zeer persoonlijke kroniek van een tijdvak, ruwweg twee derde van de twintigste eeuw. De naoorlogse intellectuele elite wordt door hem geportretteerd en gefileerd, waarbij er maar weinig heel blijft van de broodschrijvers en andere kunstbroeders en -zusters. Ook de wetenschapsbeoefenaars kunnen op een demasqué rekenen, geheel in lijn met Het Bureau. Maar ook Voskuil ontkwam niet aan Voskuil; de ontleding van zijn eigen persoon zou kun je met recht genadeloos noemen. Het levert een zelfportret op dat, zoals hij dit zelf uitdrukt, niet altijd sympathiek is.

Voskuil wilde dat de dagboeken pas na de dood van zijn echtgenote gepubliceerd zouden worden. Weduwe Lousje Voskuil-Haspers (95) heeft echter ingestemd met eerdere publicatie.

Van de zeven delen dagboeken is nu het eerste deel, Bijna een man. Dagboeken 1939-1955 verschenen.

Comments are closed.